Dutch words starting with AF
afgestopt
afgestopte
afgestort
afgestorven
afgestoten
afgestoven
afgestraald
afgestraalde
afgestraft
afgestrafte
afgestreden
afgestreept
afgestreepte
afgestreken
afgestript
afgestrompeld
afgestroomd
afgestroomde
afgestroopt
afgestroopte
afgestruind
afgestudeerd
afgestudeerde
afgestuit
afgetaaid
afgetakeld
afgetakelde
afgetakt
afgetakte
afgetapt
afgetapte
afgetast
afgetaste
afgeteerd
afgeteerde
afgetekend
afgetekende
afgeteld
afgetelde
afgetest
afgetikt
afgetikte
afgetild
afgetimmerd
afgetimmerde
afgetippeld
afgetipt
afgetobd
afgetopt
afgetornd
afgetornde
afgetraind
afgetrainde
afgetrapt
afgetrapte
afgetreden
afgetroefd
afgetroggeld
afgetrokken
afgetrommeld